| Bericht: | Foto 4: c
Particuliere foto vijftiger jaren.
Uit: 'Kroniek van Velius' in makkelijke taal (uitgegeven in 2007).
Oprichting van de VOC.
In 1602 besloten onze burgers, dat ook zij met elkaar een paar schepen zouden uitrusten om naar Oost-Indie te varen, zoals Amsterdam en enkele andere steden van Holland en Zeeland al twee of drie jaar eerder waren begonnen en met gunstig resultaat. Maar terwijl men druk bezig was deze zaak te regelen, werd aan het Hof een algemene overeenkomst gesloten tussen alle steden van Holland, Zeeland en West-Friesland die zich voorbereidden op de vaart naar Oost-Indie, of nog van plan waren dat te doen; men besloot alle compagnieen samen te voegen om met gezamenlijk kapitaal de reizen te financieren en winst en verlies met elkaar te delen.
Voorts kreeg elke stad een bepaald deel van de kosten voor de uitrusting van schepen toegewezen, Hoorn en Enkhuizen samen een achtste deel, dat is elk een zestiende. Verder moesten in het openbaar biljetten worden opgehangen, opdat iedereen zich kon inschrijven en deelnemen met zoveel geld als hij wilde en niemand zich kon beklagen dat hij buitengesloten was. Na het sluiten van dit verbond was het namelijk iedereen verboden om daarbuiten handel op Oost-Indie te drijven of daar plannen voor te maken. Ook werden in alle steden bewindhebbers aangewezen, ook hier in Hoorn, die vooral behoorden tot de voornaamsten van de stad.
Ook kwam er ten behoeve van de bewindhebbers hier in Hoorn een fraaie vergaderruimte, de 'Kamer', gelegen aan de Nieuwstraat, in het voorste gedeelte van het Sint-Geertenklooster. En daarna kwam er ook een fraai, indrukwekkend pakhuis om hun handelswaar, proviand en gereedschappen in op te bergen. Dit stond op de Turfhaven (Onder de Boompjes) tegenover de Muntstraat.
 |